Minister Wiebes en Professor Sintubin op één lijn

De cijfers en analyse van Prof. Sintubin zoals die onlangs in De HIK zijn gepubliceerd, hebben we voorgelegd aan Eric Wiebes, Minister van Economische Zaken en Klimaat en aan de heer Hans Alders, de Nationaal Coördinator Groningen. Hieronder integraal hun reacties.

Reactie Minister Wiebes:

In algemeenheid is het van belang om het verloop van het aantal aardbevingen in Groningen goed te volgen. Op grond van het Meet- en regelprotocol dat vorig jaar in werking is getreden, is de NAM verplicht om van dag tot dag de seismiciteit in Groningen te registreren en te rapporteren. Bovendien moet NAM elk halfjaar, op 1 mei en 1 november, een rapport uitbrengen aan het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) over het verloop van de seismiciteit. Die rapportage wordt gepubliceerd op de website van NAM www.nam.nl . Het SodM analyseert die rapportage en brengt daarover verslag uit aan de minister van Economische Zaken en Klimaat.

Op 1 november 2017 heeft NAM zo’n rapportage uitgebracht aan SodM. SodM is momenteel bezig met het analyseren van die rapportage. SodM onderzoekt – op een vergelijkbare manier als prof. Sintubin – of er sprake is van trends en/of trendbreuken. Dit proces loopt momenteel.

Zowel NAM als KNMI maken van tijd tot tijd de balans op: of je uit het verloop van de seismiciteit en de nieuwste kennis over de respons van de bodem op aardbevingen, nieuwe voorspellingen kunt doen over de seismiciteit en de seismische dreiging. Dat laatste gaat over de grondversnellingen die zouden kunnen optreden. Die grondversnellingen zijn van belang om te bepalen welke gebouwen aardbevingsbestendig zijn en welke niet. En dat is bepalend voor de versterkingsopgave.

 

Seismische dreiging

Medio 2017 kwam KNMI tot de conclusie dat de seismische dreiging nauwelijks is gewijzigd ten opzicht van 2016 (zie kamerstuk 33 529, nr. 358). Recente onderzoeksresultaten van NAM bevestigen dat.
Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State van 15 november 2017 moet er uiterlijk 15 november 2018 een nieuw besluit worden genomen over het winningsniveau in Groningen. Daarbij zal alle nieuwe informatie over trends in seismiciteit, over de voortschrijdende kennis over de mate waarin de bodem reageert op aardbevingen, over de reactie van gebouwen op grondbewegingen, over de aardbevingsbestendigheid van gebouwen en over de voortgang van de versterkingsopgave worden meegenomen. Zie de recente brief aan de Kamer van 4 december 2017 (Kamerstuk 33529, nr.400).

Verlaging winningsniveau

Tot slot, de stelling van prof. Sintubin dat er beneden een bepaald winningsniveau geen verdere verlaging meer zal optreden van de seismiciteit en dat nochtans onduidelijk is op welk winningsniveau dat is, wordt door een aantal deskundigen onderschreven en is onderwerp van nader onderzoek van bv SodM en TNO. Deze inzichten worden meegenomen in de totstandkoming van het hierboven genoemde nieuwe besluit over het winningsniveau.

 

Reactie Nationaal Coördinator Groningen de heer Hans Alders:
NCG Hans Alders

De NCG is zeer geïnteresseerd in analyses over aardbevingen en seismiciteit, maar is niet bekend met de analyses van professor Sintubin en kan er daarom geen uitspraken over doen. NCG baseert zich op de gegevens die beschikbaar worden gesteld door het KNMI.

 

Commentaar De HIK

De HIK betreurt het dat NCG Hans Alders, in tegenstelling tot de Minister, de cijfers en analyse van Professor Sintubin niet serieus neemt. Het is onbegrijpelijk dat de heer Alders aan de ene kant zegt zeer geïnteresseerd te zijn en vervolgens klaarblijkelijk niet de cijfers en analyse van Prof. Sintubin zoals die eerder in deze krant zijn gepubliceerd tot zich heeft willen nemen.

Het blijkt dat er nu van verschillende kanten door verschillende erkende onderzoeksinstituten wordt gezien dat er zich rond de aardbevingsproblematiek van het gasveld Groningen positieve ontwikkelingen te zien zijn. Wat De HIK betreft kan nu vol gas haast gemaakt worden met het herstel van de schades. Ook moet er zo langzamerhand een einde komen aan het gesteggel en de complottheorieën over schade en risico’s

Het artikel met de cijfers en analyse van Professor Manuel Sintubin is hier na te lezen: http://www.hogelandinternetkrant.nl/2018/01/03/kunnen-we-stoppen-met-versterken-woningen-aardbevingsgebied/

Eén gedachte over “Minister Wiebes en Professor Sintubin op één lijn

  • 6 januari 2018 om 11:44
    Permalink

    Geachte redactie,

    In de reactie van minister Wiebes staat: “Medio 2017 kwam KNMI tot de conclusie dat de seismische dreiging nauwelijks is gewijzigd ten opzicht van 2016 (zie kamerstuk 33 529, nr. 358).” Vind u dat een positieve ontwikkeling? En bent u van mening dat de resultaten over de afgelopen 3 jaar doorgetrokken kunnen worden naar de toekomst; zo ja waarom?
    U stelt: “Ook moet er zo langzamerhand een einde komen aan het gesteggel en de complottheorieën over schade en risico’s.”
    Kunt u aangeven welk gesteggel u bedoelt? En om welke complottheorieën over schade en risico’s gaat het; waarom noemt u het complottheorieën?
    Jammer dat u uw artikel met veel feitelijke informatie op deze manier verzwakt.
    Herman Damveld

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *